Hoornen van klei

In het Katholieke geloof speelden relieken een belangrijke rol. Relieken (of relikwieën) zijn overblijfselen van heiligen of van voorwerpen die met Christus of met een heilige in aanraking zijn geweest. Het was dan een bijzondere gebeurtenis als relieken in de kerk of tijdens een processie werden getoond. Zo werd in Aken eens in de zeven jaar het kleed getoond waarvan met dacht dat Maria het droeg bij de geboorte van Jezus. Natuurlijk kwamen er uit de weide omgeving pelgrims naar de feestelijke processie. Daarbij werd ook volop op de pelgrimshoorn gespeeld. Het moet vaak een oorverdovend geschetter zijn geweest!

Zoals de naam al zegt, worden pelgrimshoorns door pelgrims gebruikt. De meeste pelgrimshoorns zijn gemaakt van pijpaarde, een speciale witbakkende klei. Ze werden vooral vervaardigd in Langerwehe, een plaatsje niet ver van Aken. Er komen verschillende vormen naast elkaar voor; de licht gebogen hoorn en de ‘gewonden’ hoorn. Het gebogen type is op de draaischijf vervaardigd, maar daarna flink bijgesneden, waardoor de hoorn veelkantig wordt. Het mondstuk heeft een rond afgewerkte rand. Twee ogen dienden om de hoorn met een koord om de hals of aan de gordel te dragen.

Zowel in Nieuwland, als op de Hof, zijn delen van gebogen pelgrimshoorns opgegraven. Bij de opgraving aan de Breestraat is een fragment van een gewonden hoorn gevonden.

De pelgrimshoorns zijn te zien in de vitrine Jaarmarkt en ossenhandel (1300-1400).

In de loop van de Middeleeuwen groeide de populariteit van de bedevaart. In de 15de eeuw kwam de bedevaartganger niet alleen om religieuze motieven, maar was hij ook toerist. Hierdoor veranderde en vergrootte de vraag naar goederen in de bedevaartsplaatsen. De souvenirs die men daar kon kopen bestonden niet alleen uit de bekende pelgrimsinsignes, maar ook uit pijpaarden beeldjes en natuurlijk de pelgrimshoorns.

Meer lezen? Download het artikel van Francien Snieder in het boek ‘Een maand op zicht’.