Oorlog en strijd van Prehistorie tot WO II

Altijd is het ergens in de wereld wel oorlog, al sinds mensenheugenis. Preciezer gezegd, sinds de Steentijd: uit die periode stammen de vroegste aanwijzingen voor onderling geweld. Sindsdien is het geweld alleen maar verder toegenomen.

Jagers-verzamelaars

Groepen jagers-verzamelaars vechten onderling al gewelddadige conflicten uit, met vuurstenen dolken, bijlen, speerpunten en met pijl en boog. Ze roven elkaars voedselvoorraden, strijden om territorium of, in tijden van schaarste, om voedselbronnen. Ook al weten we niet heel veel over conflicten in die tijd, dat ze er geweest zijn, blijkt uit vondsten van skeletten in bijvoorbeeld Afrika; skeletten met verwondingen die door andere mensen zijn toegebracht.

Middeleeuwen

Hoe verder we in de tijd komen, hoe meer informatie we tot onze beschikking hebben. In de vroege Middeleeuwen hebben edellieden de plicht te reageren op een oproep tot oorlog. Ze zijn gebonden aan sociale verplichtingen. Ze doen dat vanuit eigen middelen, met hun eigen infanterie en eigen boogschutters. Hoe rijker de edelman, hoe beter het leger. De legers bestaan voor een groot gedeelte uit een infanterie van huurlingen en opgeroepen boeren en uit een cavalerie van ridders van hogere komaf. Ook die ridders nemen deel vanuit feodale en sociale verplichtingen, maar winst, eer, stijging op de sociale ladder en uitbreiding van hun landgoed spelen eveneens een rol. Ze dragen zelf de kosten voor een paard, harnas en wapens. Die kosten zijn hoog en daardoor ontwikkelt zich langzaam maar zeker een sociale klasse van ridders. In de loop van de Middeleeuwen ontstaat er zoiets als een beroepsleger waarbij soldaten zich tegen betaling laten inhuren. In de 12de eeuw mondt dat uit in een huurlingenmarkt, Europa-breed.

Buskruit

Met de komst van het buskruit verandert de oorlogvoering: tot die tijd wordt er gebruik gemaakt van wapens als allerlei katapulten, (kruis-)bogen, speren, lansen en zwaarden. In de 12de eeuw verschijnen de eerste vuurwapens: het zijn een soort mortieren van hout, die stenen projectielen afvuren. In het Middelnederlands noemden ze het een bus of busse. Vandaar ook het woord buskruit. Het eerste draagbare vuurwapen is een handbus. Vandaaruit ontstaan de haakbus, het musket, het geweer, de karabijn en het pistool. De eerste kanonnen dateren van rond 1325. Het zijn bombardes. Dat zijn absoluut nog niet de precisiewapens van later. Ze zorgen voor veel bijkomende schade en hun reikwijdte is beperkt. Het afschrikwekkende effect is er echter niet minder om; de gevolgen ook niet: daar waar voorheen de Middeleeuwse forten nog voldoende bescherming boden, is dat nu niet meer zo. Het wordt het onderscheid tussen de Middeleeuwen met zijn burchten en de vroegmoderne tijd erna (15de-19de eeuw). In de loop der tijd ontstaat er meer wapentuig, met mortieren, houwitsers en allerlei handvuur-wapens. Kanonnen worden groter van kaliber, krachtiger, preciezer en eenvoudiger te bedienen. Ook de munitie verandert: de granaat ontwikkelt zich verder en er komen, als gevolg van moderne springstoffen, nieuwe soorten bij die zo explosief zijn dat vestingwerken hun nut verliezen.